terug naar homepage
Highway to Heaven
door: Martien Nap
Het is zondagmorgen even voor tienen en de meeste vaste bezoekers van de gemeente zijn binnen en keuvelen wat onderling, totdat dit wordt overstemd door een geluid van buiten. Het lijkt er op dat er een aantal motoren aankomt en halt houdt bij de kerk. Na een paar harde knallen is het stil.

Even later treden drie motorrijders de kerk binnen. Zo op het eerste gezicht niet direct de ideale schoonzoons, maar meer van het type ‘moeders houd je dochters binnen’. Alle drie gekleed in een zwart leren broek en jas met daarover heen een verre van schoon vest met diverse batches erop. De eerste is een wat magere, oudere man, een grijze baard en het haar in een staartje komt net onder een bandana door. Zo weggelopen uit de film ‘Easy Rider’ alleen net als de film ook ruim 40 jaar ouder. Hij werd gevolgd door een klerenkast die uitsmijters bij een discotheek doet verbleken. Een kort stoppelbaardje en een hoofd als een biljartbal. Ten slotte een wat kleine, gedrongen man. Donker van uiterlijk met lange, zwarte krullen. Zo te zien van Molukse afkomst. Op zijn blote armen zijn duidelijk flink wat tatoeages te zien. Zonder om zich heen te kijken lopen ze de kerkzaal in en gaan in een lege rij zwijgend naast elkaar zitten.

De dienst begint en de voorganger heet iedereen van harte welkom. De drie motorrijders doen zo te zien mee met de sta- en zitbewegingen van de gemeente, maar het valt wel op dat alleen de tweede man, laten we hem Peter noemen, de liederen meezingt. Nadat er de nodige mededelingen zijn gedaan. Vraagt de voorganger of er nog gemeenteleden zijn die iets te melden hebben aan de aanwezigen. Resoluut stapt Peter op en loopt naar voren. Peter stapt op de voorganger af en spreekt zachtjes met hem. Even later knikt de voorganger toe en Peter wenkt de oudere man, laten we hem Nico noemen, naar voren. Peter legt zijn hand op de schouder van Nico, geeft hem een bemoedigende knik en gaat weer terug naar zijn plek in de zaal. Nico pakt de microfoon en begint te spreken. Zijn stem is wat gebroken en zijn accent onvervalst Haags. Nadat hij zichzelf kort voorstelt, begint hij zijn levensverhaal te vertellen. Hoe hij uit een gebroken gezin kwam, met een werkloze vader en dat zijn moeder dat allemaal niet meer aan kon en er toen met een ander vandoor is gegaan. Hoe hij zijn school niet afmaakte, met verkeerde vrienden omging en uiteindelijk op het verkeerde pad terechtkwam. Nadat hij enige keren was opgepakt scheen het beter met hem te gaan. Hij kreeg werk in de kassen van het Westland en begon van het leven te genieten. Regelmatig met vrienden er op uit om een biertje te drinken, een jointje op te steken en vooral veel lol te maken met hun opgeknapte motoren.

Zo kwam Nico op een motorweekend ook eens aan de praat met een andere motorrijder. Het gesprek ging uiteraard eerst over het weekend, de motoren en alles wat daarmee samenhangt. Maar later nam het gesprek haast ongemerkt een wending. De motorrijder waar Nico mee sprak had echt interesse in Nico zelf. In zijn leven, in zijn geschiedenis, hoe hij is als mens. Dat was volkomen nieuw voor Nico en na zo enige uren samen te hebben doorgebracht gingen ze weer uit elkaar. Enige maanden later, tijdens een groot, landelijk motorevenement kwam Nico aan de praat met een andere motorrijder, Willem. Ook dit keer was het gesprek anders dan anders. Op de één of andere manier kreeg Nico het gevoel dat dit toch wel apart was en hij vertelde Willem over zijn ervaring enige maanden eerder. Al spoedig bleek, dat Nico beide keren had gesproken met een lid van de CMA, de Christian Motorcyclists Association. Twee keer iemand ontmoet die echt interesse in hèm had. En beide keren is er met geen woord gesproken over het geloof. Nico vond dit maar gek en hij sneed daarom in dit tweede gesprek het onderwerp zelf dan maar aan. Hoe kon het zo gebeuren dat tot twee keer toe een CMA-er met hem in gesprek ging? En hoe wisten zij dat hij van het geloof helemaal niets moest hebben? Want als ze daarover waren begonnen, dan was het gesprek snel beëindigd, dat wist Nico zeker. Het gesprek werd intenser en Nico en Willem spraken af dat ze even een rustig plekje gingen opzoeken. In dat gesprek werd het Nico te veel. Hij stortte zijn hele hart uit bij die motorrijder die hij enkele uren geleden nog nooit had ontmoet. Nico kreeg een verlangen om meer te weten te komen van de vrijheid waar Willem het over had. Over die Jezus die eigenlijk net zo’n vrijbuiter was als hijzelf jaren is geweest. Willem vertelde hem hier over en laat in de avond besloten ze toch maar uit elkaar te gaan. Tot slot gaf Willem Nico nog een klein boekje mee. Een boekje, waarin op eenvoudige wijze wordt verteld wie Jezus is. Waarin verhalen staan van motorrijders, net zoals Nico, maar die Jezus nu kennen. Maar ook handige adressen van hulporganisaties zoals afkickcentra en psychische hulp.

Nico ging lezen in dit boekje en er kwamen vragen bij hem op. Hij besloot contact op te nemen met Willem en ze hebben een afspraak gemaakt. Niet om elkaar tijdens een motormanifestatie of zoiets te ontmoeten, maar in een rustig hoekje van een café. Daarna zijn ze nog een paar keer bij elkaar op bezoek geweest. En Nico heeft Jezus mogen leren kennen. Dankzij die twee CMA-ers die op zijn pad kwamen en dankzij het boekje dat de tweede CMA-er, Willem hem had meegegeven. Nico was verwonderd door de eenvoud van het boekje. Nico werd diep in zijn hart geraakt door de getuigenissen die er in stonden, door de verhalen van Jezus, door de opbeurende en bemoedigende brieven die Paulus heeft geschreven en door de vreugde en hoop die hij kon lezen in de Psalmen. Nico had van Willem een exemplaar gekregen van de ‘Highway to Heaven’. Een uitgave van de CMA waarin het Nieuwe Testament en de Psalmen in de versie van ‘het boek’ zijn opgenomen, samen met een aantal getuigenissen van motorrijders die Jezus hebben mogen aannemen als hun persoonlijke Verlosser.

Nadat Nico zijn verhaal had gedaan, was het stil in de kerkzaal. Peter stond op en liep naar voren. Hij sloeg zijn arm om Nico heen en begon God te danken voor Nico. Nadat Peter zijn gebed had uitgesproken, nam de voorganger het woord. Hij dankte Peter, Nico en de derde CMA-er voor hun komst en vroeg hen nog na te willen blijven voor een kopje koffie na de dienst. Er werd nog lang gesproken met de drie motorrijders die niet alleen op hun aardse wegen rondrijden, maar ook gebroederlijk mochten rijden op de Highway to Heaven!