FEBRUARI


Als een arend die zijn broedsel opwekt, over zijn jongen zweeft, zijn wieken uitspreidt, er een opneemt en draagt op zijn vlerken zo heeft hem de Here alleen geleid...

januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december

TER OVERDENKING...._____________door G. Visscher__________

Loof de HEERE mijn ziel


Daar begint Psalm 103:1 mee. Een geweldige psalm. Door alle tijden heen zijn gelovigen door de woorden van deze psalm getroost en versterkt geworden. Het is een ‘loflied’. Het “Loof de HEERE” vond zijn weerklank in het leven van de psalmist. En zeker ook in het Leven van de HEERE Jezus Christus. En hopelijk vindt het dat ook in ons persoonlijk leven. Deze HEERE is uiteraard Dezelfde als onze HEERE Jezus Christus, onze Verlosser en Zaligmaker. Alle psalmen zijn Messiaans. Ze spreken over Christus. Over Zijn geloof, Zijn lijden en sterven; over Zijn opstanding en Zijn verheerlijking; over Zijn werk nu en in de toekomst.

In de eerste 6 verzen wordt de HEERE Jezus, als Mens, vertroost. En vervolgens wordt daarmee elke gelovige in Christus vertroost. Daarna wordt vanaf vers 7 het volk Israël vertroost en daarna de volkeren. Dus eigenlijk wordt zo de gehele schepping vertroost. De HEERE zal op het eind door al het schepsel geloofd en geprezen worden. Als het niet altijd gaat zoals je het wel zou willen, is het dan ook goed te bedenken in welke positie je door Gods genade gebracht bent en welke zegeningen je allemaal in de HEERE Jezus Christus ontvangen hebt.

De Psalmist begint met: “Loof de HEERE, mijn ziel, en al wat in Mij is, Zijn heilige Naam.” Dit zouden de woorden van elke gelovige moeten zijn.
Maar het zijn in de éérste plaats de woorden van dé ‘Gelovige, onze HEERE Jezus Christus, de Zoon van David, Zelf. Wij zijn als gelovigen dikwijls zo traag om de HEERE te loven. We zijn meer geneigd tot klagen, dan tot loven. En wij zijn meer geneigd tot vragen, dan tot danken. Maar de HEERE Jezus zegt in Psalm 16:8: “Ik stel de HEERE voortdurend voor ogen; omdat Hij aan Mijn rechterhand is, wankel ik niet.”
De HEERE Jezus is bedroefd geweest over het ongeloof en dat zij Hem als hun Verlosser verwierpen. Hij had verdriet over ziekte en dood. En de straf die wij verdiend hadden, heeft Hij gedragen op het kruis van Golgotha. Toch liet de HEERE Jezus Zich niet leiden door de omstandigheden, of door emoties, of door Zijn gevoelens, maar Hij liet Zich alleen leiden door alles, wat God gesproken had. En vandaar ook: “Loof de HEERE, mijn ziel, en al wat in Mij is, Zijn heilige Naam.” Hij loofde de HEERE, niet alleen met de mond, maar met heel Zijn wezen. En dat van binnen uit, namelijk: “…al wat binnen in Mij is” (Statenvert.). En waar het hart vol van is, daar stroomt de mond van over. In Johannes 4:14 zegt Jezus: “…maar wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, zal in eeuwigheid geen dorst meer krijgen. Maar het water dat Ik hem zal geven, zal in hem een bron worden van water dat opwelt tot in het eeuwige leven.”
In Handelingen 4:20 zeggen Petrus en Johannes: “Wij kunnen niet nalaten te spreken, over wat wij gezien en gehoord hebben.”
Laten wij ook zo op de plaats waar wij gesteld zijn, in alle vrijmoedigheid de HEERE loven met al wat in ons is en Hem daarvoor ook danken.